Mensen vullen zich met mensen. Althans, met het gevoel wat men ze kan bezorgen. Je eet je als het ware vol met allerlei vormen van rush, erkenning, waardering en liefde. In ruil voor wat de ander jou geeft, lever je wat terug en met goed geluk gaat dat naar ieders tevredenheid. Zeker in het begin van een relatie of in een nieuwe werksituatie werkt dit mechanisme ogenschijnlijk goed. Het probleem is echter dat de meeste mensen opereren vanuit een groot tekort, een soort gemis dat ergens is ontstaan op de tijdlijn. En omdat we dat gemis niet bewust kunnen ervaren maar het steeds ‘dichtplakken’ met extern gezochte vulling, leren we nooit onszelf weer heel te maken. Maar als je zelf niet heel bent, hoe ga je dan vanuit je tekort steeds de gaten bij anderen opvullen? Als die ander bezig is jou te zien en jij die ander; wie ziet dan zichzelf? ..

Dus op het moment dat één van de twee (of de omstandigheden in het leven) niet meer ‘levert’ wat er nodig is, stort het kaartenhuis in: trekken, duwen, verwijten, verdriet en ruzie. Misschien zelfs een scheiding, ontslag, stilzwijgend maar niet meer gecommitteerd doorgaan. Uitputting, burn-out, fysieke pijnen en een gevoel van leegte en depressie komen vaak voort uit het genegeerde gevoel van gemis.

Zonder dat je ooit beseft dat het nooit écht aan de ander ligt maar alleen maar aan het niet helder kunnen waarnemen van de dynamiek loop je leeg, loop je vast. Zoveel banen of relaties verder maar nog steeds niet kunnen voelen van het originele gemis. We geloven nog steeds in het surrogaat (beter, mooier, liever, uitdagender) waardoor we altijd naar de ander blijven wijzen als verantwoordelijke voor ons geluk en de veroorzaker van onze pijn.
We hebben niet door dat we ooit een gat in onszelf zelf zijn gaan dichten met surrogaat.
En het typische is, de meeste mensen doen het dus ervaren we het als normaal. Hoe zou je anders kunnen doen als je niet weet dat het ook anders kan?